Vervalsing en subsidiefraude bij de verwerking en afvoer van mest

De onderzoeken van de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit (NVWA) naar mestfraude richten zich op meerdere verdachten: producenten, verwerkers, transporteurs en gebruikers van mest. Mestfraude kan op verschillende manieren gepleegd worden. In een onderzoek uit 2025 leek de fraude bij de verwerking van mest hand in hand te gaan met subsidiefraude. De NVWA maakt er melding van in de jaarrapportage over 2025.

De NVWA constateerde bij een controle van een bedrijf met een co-vergistingsinstallatie dat er minder mest en meer andere stoffen werden verwerkt dan was geregistreerd om op papier aan de subsidie-eisen te voldoen. Door de werkwijze was het digestaat feitelijk geen mest, maar een afvalstof.


Er zijn aanwijzingen dat de afvalstoffen en de niet-verwerkte mest buiten het zicht van toezichthoudende instanties op landbouwgrond zijn uitgereden. Hierdoor kunnen geldende normen worden overschreden met negatieve gevolgen voor de biodiversiteit, water- en bodemkwaliteit.


De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland vordert miljoenen aan subsidiegelden terug, omdat wordt vermoed dat deze onterecht verkregen zijn. Het Functioneel Parket heeft in één van de onderzoeken boetebeslag gelegd op 1 miljoen euro. De ingeleverde mest- en subsidiezaken zijn in de beoordelingsfase bij het Functioneel Parket.

Bron: NVWA, juni 2026
Publicatie: 19-06-2026